Nieuwsoverzicht
19 juli 2011
Eenzijdige berichtgeving veiligheid bedrijven geeft een vertekend beeld
Lees meer >>>
Volgens de Vereniging van opslaghouders in de chemie (VNCW) geven
de vorige week gepubliceerde rapportages inzake de algemene – en
brandveiligheid van chemische bedrijven een veel te eenzijdig beeld van de
veiligheid binnen de sector. Voor het publiek lijkt het daardoor of bedrijven
onwillig zijn om tot een oplossing te komen. En hoewel het bedrijf niet echt
tot de opslagsector behoorde en geen lid van de vereniging was doet de hetze
van het OM inzake ChemiePack de sector ook geen goed.
Veiligheid staat bij de leden van de VNCW hoog in het vaandel en
het maakt onderdeel uit van het dagelijks bewustzijn. Een substantieel deel van
de inspanningen die de bedrijven plegen gaat naar veiligheid. Een aantal
bedrijven op de gepubliceerde lijsten zijn lid van de vereniging en ook deze
bedrijven zijn ieder serieus bezig met de veiligheid binnen hun bedrijf. Een
woordvoerder van de vereniging:’De problematiek is vaak ingewikkelder dan wordt
voorgespiegeld. De nuanceringen in de rapportages worden in de berichtgeving
niet meegenomen waardoor een vertekend beeld ontstaat. Wanneer men zich
bijvoorbeeld echt zou verdiepen in de sprinklerproblematiek zou waarschijnlijk
een heel ander beeld ontstaan’.
De VNCW heeft contact opgenomen met de bedrijven die op de door de
overheid gepubliceerde lijsten vermeld staan en waar nodig hulp aangeboden.
Daarnaast hoopt de vereniging dat de overheid er voor open staat met de
bedrijven tot een oplossing te komen.
Voor meer info over de VNCW: www.vncw.nl
5 juni 2011
Extra online sales channel for chemical companies
Lees meer >>>
In response to recent market changes in the chemical industry, logistics service provider TWO Chemical Logistics (TWO) has developed a new web portal. This e-commerce solution has been designed as a platform to facilitate contact between chemical producers, trading companies and logistics providers.
Producers and traders can use the ‘Chemical Web Shop’ as an extra online sales channel, with, should they wish, a direct link from their corporate websites. “There is now no need for chemical companies to invest in their own web shops,” comments Gerd Geurtz, E-commerce Team Leader at TWO, “because we’ve already done it for them.” So far, the most difficult thing TWO has had to deal with, has been incorporating customer-specific pricing. “We soon found a way around that,” adds Geurtz, “and the web shop is also an ideal place for selling surplus stock anonymously.” Other benefits include the web shop being accessible 24 hours a day and customers being able to see whether or not items are in stock somewhere, even if they are not physically in stock in TWO’s own warehouse.
“We have kept the initial investment to a minimum,” adds Operations Director Paul Aerts. “Companies are required to pay a small registration charge and a monthly subscription fee, but these are nominal amounts. Any other costs are variable and depend on the size of the transaction,” he explains. By integrating the web shop’s content management system into its warehouse management and transport system, which in turn controls the distribution process, TWO has also managed to drastically reduce the cost of entering orders into the system manually.
The web shop offers customers a number of payment options but TWO recommends initially using iDeal, credit card, or paying by invoice if the vendor offers that option. The web shop also checks automatically whether or not customers have the necessary permits. “Customers have to provide us with a copy of their permits,” says Geurtz. Affiliated vendors don’t have to worry about anything: TWO takes care of the promotion of the web shop portal, and can even manage the content on a vendor’s behalf, if required.
Voor meer info: www.chemicalwebshop.com
25 mei 2011
Brand Chemie-Pack verkeerd aangepakt
Lees meer >>>
De brandweer in Moerdijk heeft de brand bij Chemie-Pack in januari dit jaar niet goed aangepakt. De chemiebrand is bestreden met grote hoeveelheden bluswater. Dat is tegen de voorschriften die het bedrijf, de gemeenten en de brandweer zelf hebben opgesteld. Door gebruik van schuim of gecontroleerd laten uitbranden was de schade veel minder groot geweest, zeggen diverse deskundigen.
Volgens hen heeft het gebruik van veel water in het begin van de brand de zaak alleen maar erger gemaakt. De kwestie is onder meer van belang in verband met de vraag wie er opdraait voor de schoonmaakkosten van het bluswater.
De NOS sprak afgelopen maanden met een aantal deskundigen op het gebied van chemiebranden. De meesten wilden alleen praten op voorwaarde van anonimiteit. Ze willen de brandweermannen in Brabant niet openlijk afvallen. Maar in hun oordeel zijn ze unaniem: zolang een brand met chemische stoffen zoals bij Chemie-Pack nog beheersbaar lijkt, moet je proberen het met schuim te blussen. Lukt dat niet meer, laat het dan gecontroleerd uitbranden.
Zodoende is de verbranding van gevaarlijke stoffen optimaal en is de pluimstijging het grootst. Dat laatste is belangrijk in verband met de eventuele aanwezigheid van giftige stoffen in de rook: hoe hoger de rook, hoe meer hij verwaait en verdunt. Water mag alleen gebruikt worden om de brand te begrenzen (de contouren te bepalen door de gebouwen die je wilt sparen te koelen).
Als de vrijwillige brandweer van Moerdijk op 5 januari om 14.38 uur als eerste bij Chemie-Pack arriveert, zoekt Hans de Koning, de veiligheidscoördinator van het bedrijf, meteen contact met de Officier van Dienst. De Koning is als geen ander op de hoogte van de risico's in het bedrijf, hij weet onder meer waar de meest brandbare spullen staan.
De Koning meldt dat het gaat om een grote plasbrand (een grote brandende plas vloeistof) en vraagt met klem om geen water te gebruiken, maar schuim. Hij wil dat de tankautospuit wordt aangesloten op de schuiminstallatie van de zogeheten Vloeistofhal. Daar staan de meest brandbare stoffen en De Koning realiseert zich dat er geen houden meer aan is als het vuur de Vloeistofhal zou bereiken.
Maar de brandweer besluit anders: de slangen worden uitgerold, aangesloten op de drukleiding aan de overkant van de weg en er wordt water op het vuur gespoten. Volgens de deskundigen was dat heel onverstandig.
Jan Meissen, veiligheidskundige in de chemie en lector Risk Management aan de hogeschool Rotterdam, is één van de weinige specialisten die er openlijk iets over wil zeggen: "Het effect is dat de brandbare vloeistof op het water gaat drijven en meestroomt, waardoor er een veel groter oppervlak brandbare vloeistof ontstaat en dus ook het totale brandoppervlak groter wordt. Het verbaast me wel dat er geen stadium is geweest dat men heeft gezegd: En nu stoppen met water erin spuiten en laat het maar gecontroleerd uitbranden."
Blussen met water was ook in strijd met de voorschriften van het Rampenbestrijdingsplan voor het Industrieterrein Moerdijk. In het bedrijfsspecifieke deel voor Chemie-Pack staat:
"Bij verticale pluimstijging geen brandweer inzet omdat bij hoge temperaturen de schadelijke stoffen vollediger verbranden en minder toxische stoffen vrijkomen.(…) Indien de pluim schadelijke effecten geeft voor de bevolking dient een blusactie gestart te worden. Belangrijk hierbij is dat de bluswateropvang beperkt is. Bij een lange blussing het (giftig) bluswater opvangen/indammen.(Bron: RPB Industrieterrein Moerdijk (Chemie-Pack B.V, pag 6, december 2008)"
In totaal is er die middag, avond en nacht 55 miljoen liter bluswater gebruikt. Een groot deel is in het oppervlaktewater terechtgekomen, omdat de opvang van Chemiepack beperkt was tot 650.000 liter. Volgens de afspraken in het Veiligheidsrapport, dat elk jaar voor Chemie-Pack gemaakt wordt, had dat niet mogen gebeuren. Het Veiligheidsrapport is goedgekeurd door de Gemeente Moerdijk.
"Verontreiniging van oppervlaktewater is alleen mogelijk, indien de brandweer zou besluiten een brand met zeer grote hoeveelheden water te blussen. Dit water zou dan over de Vlasweg moeten lopen en de sloot aan de overkant moeten bereiken. Terwijl is afgesproken dat bij falen van het blussysteem alleen bedreigde nog niet in brand geraakte onderdelen zullen worden gekoeld en men de brand zelf zal laten uitbranden.(Bron: Veiligheidsrapport Chemie-Pack Nederland B.V., deel 1, pag 47, april 2010)"
En:
"Aangezien is afgesproken dat bij falen van het blussysteem alleen bedreigde nog niet in brand geraakte onderdelen zullen worden gekoeld en men de brand zelf zal laten uitbranden, wordt deze wijze van verontreiniging van oppervlaktewater buiten beschouwing gelaten.(Bron: Veiligheidsrapport Chemie-Pack Nederland B.V., deel 3, pag 5, april 2010)"
De rekening voor het schoonmaken van het bluswater is opgelopen tot 13 miljoen euro. Rijkswaterstaat en het waterschap Brabantse Delta willen dat Chemie-Pack het opruimen en reinigen van het bluswater betaalt. Ze hebben beslag laten leggen op de verzekeringsbedragen van het bedrijf.
Chemie-Pack vindt dat oneerlijk: het besluit om met veel water te blussen is immers genomen door de brandweer, in strijd met de afspraken, in strijd met algemene kennis over chemiebranden en tegen het dringende advies van de veiligheidscoördinator in.
Vrijdag begint in Den Bosch het hoger beroep van Chemie-Pack tegen het beslag door Brabantse Delta. Chemie-Pack vreest dat het binnen enkele weken failliet zal gaan.
24 mei 2011
Omgang gevaarlijke stoffen nadert kritieke datum
Lees meer >>>
Voor veel Nederlandse bedrijven die met gevaarlijke stoffen werken is 1 juli een kritieke datum. Elke twee jaar worden er op Europees niveau wijzigingen doorgevoerd in de complexe regelgeving ten aanzien van het werken met gevaarlijke stoffen.
Dit jaar wijzigen onder andere de regels voor etikettering en vrijstellingen. Bovendien worden de opleidingseisen aangescherpt. Voor de betreffende bedrijven heeft dat ingrijpende gevolgen. Uit onderzoek en contacten van belangenorganisatieEVOblijkt dat veiligheidsadviseurs binnen deze bedrijven vaak niet in staat zijn om tijdig aan de nieuwe regels te voldoen. Dit is wel van groot belang, omdat calamiteiten grote gevolgen hebben voor de betreffende bedrijven en hun omgeving. Ook kunnen boetes voor het niet naleven van de wet oplopen van 400 tot 3000 euro.
Vaak zijn bedrijven er dan nog niet klaar voor. Eén van de nieuwe regels is dat veel van de gevaarlijke stoffen moeten worden voorzien van een milieugevaarlijk-etiket. Een belangrijke aanpassing om de herkenning van deze stoffen af te stemmen op wereldwijde regels en om onnodige milieuschade te voorkomen. Voor bedrijven met grote voorraden is het een hele klus om dit op orde te krijgen. Als dit niet op tijd lukt, levert dat problemen op met betrokken inspectiediensten, en dus boetes. Maar bij calamiteiten leidt het tot hoge en zelfs onoverkomelijke kosten en andere gevolgen, omdat de juiste informatie niet aanwezig is en door hulpdiensten dus niet passend kan worden gehandeld.
Om het bedrijfsleven de tijd te geven alle wijzigingen door te voeren was er sprake van een overgangstermijn van een halfjaar. Maar na 1 juli a.s. zijn de nieuwe regels dus echt van kracht. Ondanks de overgangstermijn vindt EVO dat het bedrijfsleven dringend extra ondersteuning nodig heeft om de kloof tussen wet- en regelgeving en praktijk te overbruggen. Daarom biedt EVO bedrijven, aanvullend op de verplichte opleiding van de overheid, extra hulp door middel van seminars en een nieuwe opleiding voor de praktische toepassing van de regels in het bedrijf.
De nieuwe regels worden tijdig aan de betrokken organisaties gecommuniceerd, maar echte handvatten voor de praktische toepassing van deze regels ontbreken. De verplichte cursus tot veiligheidsadviseur is breed van opzet, terwijl de dagelijkse praktijk vraagt om meer specifieke en diepgaandere kennis, afgestemd op de werkzaamheden van het bedrijf. EVO lanceert een nieuw product gericht op de praktische toepassingen van die complexe en steeds maar in beweging blijvende vervoerswetgeving, gericht op bedrijven die werken met gevaarlijke stoffen. Het gaat om een nieuwe reeks thematisch ingerichte seminars, die medewerkers meeneemt door de relevante wijzigingen in de wetgeving, zoals vrijstellingen, etikettering, vervoersdocumenten, veiligheidsplannen en jaarverslaglegging; onderwerpen waar zelfs de beste veiligheidsadviseurs mee worstelen. Daarnaast biedt EVO een eendaagse training (Veiligheidsadviseur-plus) aan. Leden kunnen ook terecht bij de helpdesk of adviestak.
10 mei 2011
Volledige hercertificering ISO9001 en ISO14001 voor TWO Chemical logistics
Lees meer >>>
Chemisch opslag en distributiebedrijf TWO Chemical Logistics is opnieuw gecertificeerd voor de ISO9001 en ISO14001. De certificering die afgelopen maand plaats vond is een volledige hercertificering en geldt voor de vestigingen Nijmegen, Tiel en Maastricht.
Het bedrijf dat zich richt op de opslag en distributie van gevaarlijke stoffen is ongeschonden door de certificering gekomen: er werden nl. geen afwijkingen genoteerd. Dat de geboden dienstverlening zich op een hoog niveau bevindt kwam met name tot uiting in het uitgevoerde klantentevredenheidsonderzoek.
Met de certificering voor de ISO14001 onderstreept het bedrijf als gevaarlijke stoffen specialist middels haar technische – en organisatorische beschermingsmaatregelen haar bijdrage aan het milieu.
Naast deze certificering op het gebied van kwaliteit en milieu behaalde het bedrijf in 2009 en 2010 reeds het SQAS Transport en SQAS Warehousing hetgeen twee standaarden zijn vanuit de chemische industrie.
3 maart 2011
Persbericht: Rode loper voor Aziatische bedrijven
Lees meer >>>
Op initiatief van NV
Regio Venlo en NV Industriebank LIOF zullen binnenkort Seacon, Baat en TWO
Chemical Logistics van start gaan met het Asian Full Service Center (AFSC). Provincie
Limburg zegde vandaag de laatste noodzakelijke financiële ondersteuning toe
voor de aanvangsfase.
Doel van AFSC BV is nieuwe bedrijven, bedrijvigheid en
kenniswerkers naar de regio te trekken uit landen als China, Japan, Korea en
Taiwan. Verwachting is dat dit de eerste drie tot vijf jaar leidt tot een
directe werkgelegenheidsgroei van 100 tot 150 arbeidsplaatsen. Ervaring leert
dat de indirecte werkgelegenheid dan kan groeien met 200 tot 300 banen, in
onder meer de toeleveringsindustrie en overige dienstverlening.
De handelsactiviteit uit het Verre Oosten neemt gestaag toe
en steeds meer zoeken Aziatische bedrijven voet aan de grond in Europa als
economisch sterk afzetgebied. De regio Venlo is door haar ligging en met haar
goed ontwikkelde logistieke dienstverlening aantrekkelijk voor hen als eerste bruggenhoofd.
Grote internationale bedrijven hebben zich juist om deze reden al hier gevestigd.
Toch blijkt uit onderzoek dat het bij de meeste Aziatische vestigingen in
Nederland gaat om een salesoffice; veelal in de buurt van Schiphol en de
Rotterdamse haven.
Het AFSC wil hierin verandering brengen en het
vestigingsklimaat in Limburg voor Aziatische vestigingen aantrekkelijker te
maken door als het ware de rode loper voor hen uit te leggen. Het gaat daarbij
onder meer om financiële, sociaaljuridische en logistieke dienstverlening, accountancy,
(inter)nationaal belastingadvies en salarisservice, aansluitend bij de
ontwikkelingsfase van de bedrijven. Op dit moment moeten bedrijven uit Azië,
die belangstelling hebben voor vestiging hier, veelal zelf uitzoeken bij welke
bedrijven ze voor welke ondersteuning terecht kunnen. Straks kan dat via één
loket, want het AFSC is een zgn. one stop
shop, van waaruit ze op maat begeleid kunnen worden. Voor partijen zoals
LIOF, die momenteel doende zijn met het werven van bedrijven naar Limburg,
biedt het AFSC een extra vestigingsplaatsargument. Deze partijen en het AFSC
zullen dan ook nauw samen optrekken.
Het initiatief voor het Asian Full Service Center werd al
weer enige jaren geleden genomen door NV Regio Venlo en NV Industriebank LIOF.
Kernpartners Seacon Logistics, Baat Accountants & Fiscalisten en TWO
Chemical Logistics zijn bereid in het AFSC te investeren en nemen de
exploitatie op zich. Naar verwachting zullen investering en opbrengst pas na
enkele jaren met elkaar in evenwicht zijn. Omdat de hele regio profijt heeft
van de komst van het AFSC, is de provincie Limburg bereid in de aanvangsfase
voor 270.000 euro aan het initiatief bij te dragen, naast kleinere bijdragen
van NV Regio Venlo en LIOF. AFSC is naar verwachting over drie maanden
operationeel.
14 februari 2011
Persbericht VNCW: Chemische logistiek is hetze meer dan zat
Lees meer >>>
De bedrijven die verenigd zijn in de VNCW (Vereniging Nederlandse Chemische Warehousingbedrijven) zijn de hetze meer dan zat. Het predikaat ‘gevaarlijk’ lijkt steeds meer synoniem te staan voor ‘vrij schieten’. Met name de locale toezichthouders en de locale politieke partijen spannen de kroon met het ongecontroleerd beschuldigen en kapot maken van bedrijven. De vereniging verzoekt de landelijke overheid direct in te grijpen.
Logistieke bedrijven worden geconfronteerd met overheden die vergunningen intrekken onder het mom van ambtshalve wijzigingen en verbetering op het gebied van milieu, het houden van meerdere inspecties achter elkaar en door, bij het vinden van één afwijkend (ongevaarlijk) doosje tussen duizenden verpakkingen, vele tienduizenden euro’s boete te eisen. Het heeft niets meer te maken met veiligheid, maar alles met treiterpraktijken. Vaak gebeurt het onder aanvoering van lokale ‘groene’ partijen die normaal moeite hebben met het in het nieuws komen, maar nu hun kans schoon zien. Er wordt al enige jaren ‘gezocht’ naar overtredingen. De gebeurtenis bij Moerdijk heeft daar een extra impuls aan gegeven. Door te zoeken naar overtredingen in het kader van de BRZO, kunnen rapporten gevuld worden en kan er later met de vinger gewezen worden. In de media resulteert dat in opsommingen van zogenaamde ‘overtredingen’ van de locale bedrijven. Het gaat hierbij vaak helemaal nergens over maar kost de bedrijven veel geld. Dit gaat zonder meer ten koste van hoogwaardige arbeid in die bedrijven.
Directie en management van chemisch logistieke bedrijven zijn meer en meer bezig met het ontvangen van ambtenaren, inspecteurs en certificeerders maar vooral bezig met het reageren op brieven en rapportages. Het belemmert een gezonde bedrijfsvoering, met als resultaat dat het juist ten koste gaat van de veiligheid. Eén van de leden reageert: ‘Als eindverantwoordelijke voor veiligheid binnen ons bedrijf kom ik niet meer toe aan het dagelijks lopen van veiligheidsronden. Ik ben bijna alleen maar bezig met het schrijven van weerwoord op aantijgingen van de gemeente die kant nog wal raken. En dat alleen maar omdat men zichzelf in wil dekken als het een keer mis gaat. Je wordt er compleet radeloos van.’
De chemische logistiek is onmisbaar in Nederland. Wanneer er geen chemische opslagen zijn staat het leven letterlijk stil. Bijna alles in ons dagelijks leven heeft chemie in zich. Voorzitter van de vereniging de heer Govaert: ‘In het kader van ‘gevaarlijk’ kunnen locale overheden dan wel denken ‘liever niet in mijn gemeenten’, maar bedrijven zitten er vaak al tientallen jaren. Wanneer woonwijken naar bedrijfsterreinen toe worden gebouwd, kun je je afvragen of de huidige aanpak van gemeenten gerechtvaardigd is. Daarbij is het wegnemen van ieder gevaar in het leven een illusie. In de chemielogistiek hebben we te maken met goed opgeleide medewerkers die met een heftruck vaten met chemische stoffen in en uit vrachtwagens laden en in stellingen zetten. En hoewel het mensenwerk is gaat het eigenlijk nooit mis dankzij jarenlange nadruk op opleidingen en grote investeringen in (werk)veiligheid. Onze leden maken werk van veiligheid en bouwen meerdere veiligheidsmechanismen in om rampen te voorkomen. Een beetje respect zou dan op zijn plaats zijn’.
De VNCW heeft de Minister president gevraagd om op het hoogste niveau in te grijpen. Wanneer de chemische logistiek, die de functie van toeleverancier van tienduizenden winkels en industriële bedrijven vervult, niet beschermd wordt kunnen de banen van vele honderdduizenden mensen op de tocht komen te staan. Dit nog los van de economische schade die landelijk wordt geleden, door het verdwijnen van een onmisbare schakel in de produktieketen.
Voor meer info over de VNCW: www.vncw.nl
Oktober 2010
TWO Distribution Services B.V. doorstaat met succes SQAS toets
Lees meer >>>
TWO Distribution Services B.V., het transportbedrijf van TWO Chemical Logistics B.V. heeft met succes de SQAS toets van de chemische industrie doorstaan. Nadat vorig jaar de magazijnen van het bedrijf al waren beoordeeld was het nu de beurt aan de transportactiviteit.
SQAS is een hulpmiddel, afkomstig uit de chemische industrie om de beleidssystemen ten aanzien van kwaliteit, veiligheid en milieu te evalueren en heeft een duidelijk onderscheidend karakter.
Het SQAS onderzoek, dat door een onafhankelijke onderzoeker wordt uitgevoerd, levert géén certificaat op maar een gedetailleerd en objectief feitenrapport, dat door elk chemisch bedrijf kan worden getoetst aan haar eigen, individuele eisen.
21 juni 2010
Te Winkel & Oomes B.V. wijzigt na meer dan 100 jaar haar naam
Lees meer >>>
Te Winkel & Oomes B.V. heeft per 21 juni 2010 haar naam officieel veranderd in TWO Chemical Logistics B.V.
De voornaamste reden hiervoor is dat veel van onze relaties, geheel in lijn met het vervagen van grenzen in de logistiek, internationaal zijn georiënteerd. Onze nieuwe naam sluit hier dan ook beter op aan. Daarnaast werd de naam TWO, als afkorting van Te Winkel en Oomes, in de praktijk al veel gebruikt.
Naast het onderstrepen van ons internationale karakter willen wij, met het opnemen van ‘Chemical Logistics’ in onze naam, nog duidelijker weergeven waar ons specialisme ligt: het verzorgen van warehousing, distributie, diverse toegevoegde waarde activiteiten en van de gehele logistieke keten voor de chemische bedrijfstak.
Het logo van de onderneming verandert mee en laat nu de letters TWO zien, de herkenbare pijl, ontleend aan de huisstijl van ons moederconcern, Emons, blijft daarbij ongewijzigd.
Kortom: onze nieuwe naam onderstreept dat wij trots zijn op onze expertise en ons continu aanpassen aan de wereld om ons heen, zonder hierbij onze jarenlange historie en traditie uit het oog te verliezen.
Mei 2010
Vergunningsplicht voor overslag >10.000 kg ADR komt eraan
Lees meer >>>
Tussen 1 oktober en 1 november 2010 worden transport- en logistieke bedrijven met een op- of overslagcapaciteit van meer dan 10 ton goederen aan ADR gevaarlijke stoffen, onder de Wabo vergunningplichtig voor het aspect milieu. Dit komt omdat de lijst van vergunningplichtige inrichtingen met opslag van meer dan 10.000 kg gevaarlijke stoffen wordt aangepast.
Sinds 10 jaar bestond deze vergunningplichtigheid onder bepaalde voorwaarden niet meer, en was een en ander geregeld onder de AMvB Opslag- en transportbedrijven. In 2008 werd deze regeling vervangen door het activiteitenbesluit, maar het ministerie van VROM vindt het nu wenselijk dat voor bedrijven waar op enig moment meer dan 10.000 kg verpakte gevaarlijke stoffen op een opslagvoorziening voor tijdelijke opslag aanwezig is, de vergunningplicht weer gaat gelden. Hiervoor zal bijlage 1, de lijst van vergunningplichtige inrichtingen, van het Besluit omgevingsrecht worden aangepast.
De politiek heeft al vaker aangegeven dat het de gevaarlijke stoffen liever bij de gespecialiseerde bedrijven ziet staan. Mathijs Rutten van TWO Chemical Logistics: ‘als gespecialiseerd bedrijf besef je dagelijks met wat voor stoffen je te maken hebt en ben je voorbereid op allerlei situaties. Dat onderscheid ons van de ‘normale’ opslagen’. De wens van VROM meer bedrijven onder vergunning te krijgen zal er toe leiden dat meer bedrijven na moeten gaan denken over wel- of geen vergunning. ‘Dat zal de veiligheid zeker ten goede komen’; aldus de directeur. TWO Chemical Logistics is, met verschillende vestigingen in Nederland, graag bereid bedrijven te helpen bij het maken van deze keuze.